Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011

Alinea 141 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BT7494.

2.5 De definitieve afbakening van de rechtsstrijd in hoger beroep vindt pas plaats in de memorie van grieven. De Hoge Raad heeft in twee uitspraken van 27 april 1990(26) overwogen dat de wederpartij er in beginsel vanuit dient te gaan dat de omlijning van het hoger beroep eerst bij de memorie van grieven haar definitieve vorm zal krijgen en dat de appellant in beginsel vrij is bij die memorie tegen elk onderdeel van het vonnis grieven te richten. Het enkele feit dat in de appeldagvaarding slechts het vonnis voor zover in conventie gewezen als bestreden wordt vermeld, staat er volgens de Hoge Raad dan ook niet aan in de weg dat tevens grieven worden gericht tegen dat vonnis, voor zover in reconventie gewezen (rov. 2.3)(27).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e13ff64026c6e60eec6ebe39861e321cb6cd211ca345d7932e973145f970a721. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e13ff64026c6e60eec6ebe39861e321cb6cd211ca345d7932e973145f970a721, en de alinea staat in dat document op bytes 36153 tot 36899.