Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011

Alinea 150 Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BU3924.

29 Ik ga in dit verband voorbij aan het gegeven, dat het juist de mogelijkheid dat men aan de hand van onjuiste feiten publiceert is, die de rechtvaardiging vormt voor de journalistieke onderzoeksplicht waar Pretium zwaar de nadruk op legt. Aan de hand van beschikbaar feitenmateriaal publiceren terwijl men er rekening mee moet houden dat men bij nader onderzoek wezenlijk andere uitkomsten zal vinden, kan daarom onrechtmatig zijn. Maar in het omgekeerde geval, namelijk wanneer later blijkende feiten de juistheid van een aanvankelijk misschien als prematuur aan te merken publicatie bevestigen, geldt dat daardoor de grond ontvalt aan het aanvankelijk misschien "geldige" verwijt dat er ten tijde van de publicatie onvoldoende onderzoek had plaatsgehad. ("Oudere kijkers" herinneren zich misschien nog de scene uit de film "All the President's men" (1976), waar de hoofdredacteur van de Washington Post staat voor het dilemma of hij aan de hand van nog maar zwak onderbouwde bevindingen van zijn jonge journalisten Woodward en Bernstein, een voor de President zeer schadelijke publicatie "aandurft".)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfd62580964df14a7d01701ff5c0bca9a23ff2d9f77f0ea726af5462c1facf20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfd62580964df14a7d01701ff5c0bca9a23ff2d9f77f0ea726af5462c1facf20, en de alinea staat in dat document op bytes 50489 tot 51607.