Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 december 2011

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 2 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BU6591.

16. In de oude, inmiddels vervallen, wettelijke regeling inzake het wettelijke deelgenootschap was, zoals zojuist aan de orde kwam, door de wetgever expliciet bepaald dat het deelgenootschap eindigt bij het einde van het huwelijk en dat de vordering tot deling (verrekening) alsdan onmiddellijk opeisbaar is, hetgeen impliceert dat voor het einde van het huwelijk geen sprake kan zijn van verzuim in de nakoming van de vordering tot deling (verrekening) en evenmin van het verschuldigd worden van wettelijke rente. Als peildatum voor de waardering van het te verrekenen vermogen gold bij echtscheiding - ingeval partijen niet anders waren overeengekomen - het tijdstip van indiening van het verzoek tot echtscheiding, zodat de datum waarop wettelijke rente verschuldigd kon worden en de peildatum niet konden samenvallen, anders dan het geval is bij de verdeling van een gemeenschap die leidt tot een vordering tot betaling van een geldsom wegens overbedeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b260565df03c042214ef7ac8748be41e83e69c2311cb8ad6b4a62d77b6458599. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b260565df03c042214ef7ac8748be41e83e69c2311cb8ad6b4a62d77b6458599, en de alinea staat in dat document op bytes 37095 tot 38069.