Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 december 2011

Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 9 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BU7412.

12. Aldus meer recent: W.G. Huijgen, Bouwrecht 2006, nr. 239, blz. 1055 e.v. en Koop en verkoop van onroerende zaken, Monografieën Privaatrecht, 2008, blz. 26-30; P.S. Bakker, Het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:2 BW nader beschouwd, BR 2006, nr. 240, blz. 1063-1068; J. Hijma in Asser-Hijma, 5-I, 2007, nr. 136; C.G. Breedveld-de Voogd, diss., blz. 49 - 58 en De notariële koopovereenkomst en sanctie op een vormvoorschrift, WPNR 2009/6781, blz. 6-9; H.C. Selderbeek-Doyer, Vijf jaar artikel 7:2 BW, TvC 2008-5, blz. 179-186; A.A. van Velten, Het schriftelijk koopcontract van art. 7:2 BW, WPNR 2008/6740, blz. 106-108 en M.B.M. Loos, Schriftelijkheidsvereiste en bedenktijd bij de koop van onroerende zaken, TBR 2010, 101, blz. 552-559.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73a2fc00c122d7ee2d151d4ee6d487e047b8ddb5413c32ff9dc87cc69785ffc7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73a2fc00c122d7ee2d151d4ee6d487e047b8ddb5413c32ff9dc87cc69785ffc7, en de alinea staat in dat document op bytes 56933 tot 57692.