Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011

Onder 4.4 Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BV7227.

Met betrekking tot fraus legis wijst de Staatssecretaris op de in 1995, dus na HR BNB 1992/308 geïntroduceerde verkrijging van economische eigendom als belastbaar feit, die de Wet BVR een meer materiële strekking gaf. Hij meent dat de voorliggende casuspositie moeilijk anders kan worden gezien dan als een kunstmatige uitsplitsing van eigendom (vgl. HR BNB 1992/308). Alles in ogenschouw genomen, komt economisch en materieel de helft van de aandelen in G BV toe aan de belanghebbende. Alle niet-puur-formele aspecten lopen via K en de door hem (indirect) gehouden vennootschappen. Gezien de ratio van art. 4(1)(a) Wet BVR komt dan meer betekenis toe aan dat economische belang van de belanghebbende dan aan het blote juridisch houden van de preferente aandelen door J. Het Hof stelt zich ten onrechte formalistisch in plaats van realistisch op.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/543fdddb380a9cdb842af89e029aa8ffa767a9897786b081d4ec0076e2331cbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 543fdddb380a9cdb842af89e029aa8ffa767a9897786b081d4ec0076e2331cbd, en de alinea staat in dat document op bytes 37372 tot 38233.