Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011

Onder 1.9 Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 december 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BV7227.

Dan resteert het ultimum remedium fraus legis. Niet in geschil is dat de plaatsing van preferente aandelen bij J diende tot vermijding van overdrachtsbelasting, zodat het gaat om de toepassingvoorwaarde dat het in casu als reëel erkennen van J's preferente aandelenbezit in casu in strijd zou zijn met doel en strekking van art. 4 Wet BVR. In die bepaling is het criterium vriendendienst niet opgenomen onder de gelieerdheidscriteria. Uit de wetsgeschiedenis blijkt voorts dat de wetgever voor de toepassing van art. 4 wet BVR expliciet geen aanleiding zag onderscheid te maken naar soorten aandelen. Toepassing van fraus legis is dan uitgesloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/543fdddb380a9cdb842af89e029aa8ffa767a9897786b081d4ec0076e2331cbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 543fdddb380a9cdb842af89e029aa8ffa767a9897786b081d4ec0076e2331cbd, en de alinea staat in dat document op bytes 12964 tot 13625.