Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012

Alinea 175 Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT1516.

3.3. Het Hof heeft vervolgens geoordeeld dat geen termen aanwezig zijn voor het achterwege laten van niet-ontvankelijkverklaring op de grond dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. Het tweede onderdeel van het middel, dat dit oordeel bestrijdt, slaagt. Het bepaalde in art. 7:11, lid 2, Awb brengt mee dat indien de heroverweging op de grondslag van het bezwaar aanleiding geeft tot het herroepen van het besluit en een daartoe strekkende beslissing wordt genomen, voor zover nodig, gelijktijdig een nieuw besluit wordt genomen. In dit geval heeft de Inspecteur weliswaar gelijktijdig met de 'herroeping' van de aanslag enkele elementen van de aanslag herzien, maar hij heeft toen niet het bedrag van de belasting nader vastgesteld. Onder deze omstandigheid kan redelijkerwijs niet worden geoordeeld dat belanghebbende in verzuim is geweest door pas naar aanleiding van - en binnen zes weken na - de ontvangst door hem van de hiervoor in 3.1.2 vermelde kennisgeving in beroep te komen, zodat niet-ontvankelijkverklaring achterwege had moeten blijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/873769f49bfa3ee9ddd572f43f2b68ed074612dbdef19f4e67de16c729dbb0ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 873769f49bfa3ee9ddd572f43f2b68ed074612dbdef19f4e67de16c729dbb0ae, en de alinea staat in dat document op bytes 48372 tot 49480.