Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT2202.

3.8 De vraag op welk tijdstip en voor welk bedrag een verlies uit hoofde van borgtocht als resultaat uit overige werkzaamheden in de zin van artikel 3.92 van de Wet IB 2001, in aanmerking kan worden genomen, was eveneens aan de orde in mijn conclusie van 13 juli 2011 in de zaak met nr. 10/03641. Die zaak betreft een medeaandeelhouder in A die zich eveneens borg had gesteld. Mijn beschouwing dienaangaande in de onderhavige conclusie is gelijkluidend aan die in mijn conclusie van 13 juli. Voor de volledigheid is onderdeel 4 van voornoemde conclusie als bijlage bij deze conclusie gevoegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f, en de alinea staat in dat document op bytes 15953 tot 16558.