Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT2202.

Per 1 april 2002 is aan het vijfde lid van artikel 8:72 Awb een zinsnede toegevoegd die de rechter in uitspraak betreffende de bodemzaak de bevoegdheid geeft een voorlopige voorziening te treffen. Deze mogelijkheid is met name van belang voor gevallen waarin de rechter het besluit op bezwaar vernietigd, maar daardoor het primaire besluit in stand blijft. Stel dat het bezwaarschrift op formele gronden ten onrechte ongegrond is verklaard, maar niet duidelijk is of (of wellicht zelfs waarschijnlijk is dat) na de nieuwe beslissing op bezwaar het primaire besluit in stand kan blijven. De rechter heeft nu de mogelijkheid voor die tussenfase een voorziening te treffen, bijvoorbeeld inhoudende dat geen gebruik mag worden gemaakt van de bij het primaire besluit verleende vergunning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f, en de alinea staat in dat document op bytes 27799 tot 28596.