Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT2202.
Via de Eerste Evaluatiewet Awb (Stb. 2002, 53) is per 1 april 2002 voorzien in een aanvulling van lid 5 waardoor de rechtbank (dus niet de voorzieningenrechter) tevens de mogelijkheid heeft gekregen om een naar tijdsduur te begrenzen voorlopige voorziening te treffen. Dit kan ambtshalve of op verzoek. Hierdoor beschikt de rechter over de bevoegdheid om tegelijkertijd met de einduitspraak en met toepassing van de regels inzake het treffen van een voorlopige voorziening zonodig een voorlopige voorziening te treffen ten aanzien van het primaire besluit. Deze voorlopige voorziening maakt deel uit van de einduitspraak en daartegen is in dat kader dus hoger beroep mogelijk. Hoewel de wettekst dit niet uitdrukkelijk regelt, is het de bedoeling dat deze voorziening alleen wordt getroffen als daaraan behoefte is als gevolg van en in relatie tot een vernietiging van een besluit in de hoofdzaak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f, en de alinea staat in dat document op bytes 28699 tot 29609.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8d448d97069046597a2845b9105128dda9fd25ed6bb70ee64d742e714e5cc2f | shasum -a 256