Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012
Alinea 157 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT6947.
2.36 Zoals uit mijn algemene beschouwingen voorafgaand aan de beoordeling van de middelen is gebleken (zie onder 2.8-2.12), is vermelding van de naam van de pandgever in de verzamelpandakte geen vereiste en is voldaan aan de bepaaldheidsvereiste indien de naam van de pandgever is te achterhalen met behulp van de stampandakte. In de kern is het een kwestie van uitleg van de akte, die niet losgemaakt kan worden van de andere bescheiden die op de verlening van het pandrecht betrekking hebben. De rechtsklachten in onderdeel 3.1 en 3.2 falen dan ook. Ook de motiveringsklacht in onderdeel 3.3 is ongegrond nu voldoende duidelijk en begrijpelijk is dat [A] als pandgever is te achterhalen met behulp van de beide stampandaktes. Ook onderdeel 3.4 faalt dus.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/372bacc72fa86870408e99f0365eefd4b7d07c13a94201cd409723f1cd3b3717. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 372bacc72fa86870408e99f0365eefd4b7d07c13a94201cd409723f1cd3b3717, en de alinea staat in dat document op bytes 83331 tot 84100.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/372bacc72fa86870408e99f0365eefd4b7d07c13a94201cd409723f1cd3b3717 | shasum -a 256