Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT8464.

2.3. In een arrest van 20 april 1979, NJ 1980, 518 m.nt. B. Wachter, had de Hoge Raad al overwogen dat de CMR niet uitsluit dat vervoerde goederen, na aankomst ter destinatie, krachtens een andere overeenkomst dan de vervoerovereenkomst onder de vervoerder blijven berusten en dat dan met ingang van het tijdstip waarop die andere overeenkomst in werking treedt, de vervoerovereenkomst eindigt. Een voorbeeld hiervan is de vervoerovereenkomst die wordt gevolgd door een overeenkomst tot bewaarneming tussen dezelfde partijen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cd1cf4c0106466771ca8ec9c1240fdf742ff7a8776d7b80b6a9dc71bc0d40a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cd1cf4c0106466771ca8ec9c1240fdf742ff7a8776d7b80b6a9dc71bc0d40a4, en de alinea staat in dat document op bytes 15872 tot 16410.