Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BT8464.
2.12. De rechtsklacht faalt. In het algemeen wordt aangenomen dat de aflevering enige medewerking van de geadresseerde vereist. Voor aflevering van goederen door een vervoerder is een daarop gerichte wilsovereenstemming tussen de vervoerder en de geadresseerde nodig: de vervoerder kan niet ermee volstaan de goederen "op de stoep te zetten" (tenzij de geadresseerde zelf om die wijze van afleveren heeft gevraagd, maar dan is er sprake van wilsovereenstemming). Veelal neemt de geadresseerde de goederen in ontvangst na lossing. In gevallen waarin overeengekomen is dat de geadresseerde zelf zorg draagt voor het lossen van de lading, kan voor een geldige aflevering voldoende zijn dat de vervoerder aan de geadresseerde de feitelijke macht over de goederen verschaft, bijvoorbeeld door afgifte van de sleutels van de container of door in het bijzijn van de geadresseerde de laadklep te openen en aan diens heftruck toegang te verschaffen, waarna de geadresseerde de goederen lost. Bewijs van de aflevering kan op de gewone wijze worden geleverd, bijvoorbeeld door middel van de ondertekening van de vrachtbrief door de geadresseerde voor ontvangst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cd1cf4c0106466771ca8ec9c1240fdf742ff7a8776d7b80b6a9dc71bc0d40a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cd1cf4c0106466771ca8ec9c1240fdf742ff7a8776d7b80b6a9dc71bc0d40a4, en de alinea staat in dat document op bytes 25088 tot 26251.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5cd1cf4c0106466771ca8ec9c1240fdf742ff7a8776d7b80b6a9dc71bc0d40a4 | shasum -a 256