Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012
Alinea 141 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU2046.
13.3. In het verlengde van het voorgaande ligt dat vraagtekens kunnen worden geplaatst bij het feit dat de kring van belanghebbenden in de memories van toelichting op de wetsvoorstellen 28353 en 29441 ruim wordt getrokken (hiervoor, onder 12.1 en 12.2). De persoon op wie de gegevens betrekking hebben, kan volgens de minister als belanghebbende worden aangemerkt. Het argument lijkt te zijn dat ook zijn privacy in het geding is als de bedoelde gegevens worden gebruikt. Dat moge zo zijn, maar dat is ook het geval als gebruik gemaakt wordt van een getuigenverklaring die op hem betrekking heeft. Een reden om een beklagrecht toe te kennen, is daar nooit in gezien. Dat is, gezien het primaat dat in het strafprocesrecht toekomt aan de materiële waarheidsvinding, ook begrijpelijk. De eis van een deugdelijk onderzoek naar de waarheid brengt mee dat soms diep gegraven moet worden in het privéleven van een dikwijls groot aantal personen. Het gebruik van de verkregen informatie kan voor de betrokkenen zeer pijnlijk zijn, maar het belang van de waarheidsvinding weegt in ons strafprocessuele stelsel zwaarder. Het enkele feit dat het gebruik van de gegevens de privacy van de betrokkene raakt, kan dus bezwaarlijk een grond opleveren voor de toekenning van een beklagrecht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107, en de alinea staat in dat document op bytes 78500 tot 79790.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107 | shasum -a 256