Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012
Alinea 160 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU2046.
14.3. De in de schriftuur betrokken stelling dat slechts een zeer beperkt deel van de gegevens in het dossier van de strafzaak zijn gevoegd, mist feitelijke grondslag. In feitelijke aanleg is dat niet aangevoerd. Ik zou haast zeggen, integendeel. Tijdens de behandeling van het klaagschrift in raadkamer op 17 november 2010 heeft de voorzitter de procespartijen voorgehouden dat het klaagschrift, voor zover het betreft het beklag tegen de kennisneming en gebruik van gegevens, raakt aan de nog te houden inhoudelijke behandeling van de strafzaak. Klaagsters raadsman heeft dat niet bestreden. Zijn reactie was dat hij het met de voorzitter eens was dat het bedoelde onderdeel van het klaagschrift "heel direct betrekking heeft op de inhoudelijke behandeling van de strafzaak". Hij verzocht om zo nodig de beslissing op dit onderdeel van het klaagschrift aan te houden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107, en de alinea staat in dat document op bytes 98478 tot 99361.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bda1caa281b28185b28844445db0ef66351681f17ce3d25ef1797111dbce107 | shasum -a 256