Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU2064.

In strafprocedures pleegt de strafrechter bij het bepalen van de straf rekening te houden met uiteenlopende persoonlijke omstandigheden. Het zou te ver voeren om op straffe van cassatie te eisen dat de rechter preciseert in welke mate hij al die omstandigheden heeft verdisconteerd in de strafmodaliteit en de strafmaat. Die eis stelt de Hoge Raad dan ook niet. Het komt mij voor dat de onwenselijk lange duur van de teruglevering in het buitenland aanzienlijk meer overeenkomsten vertoont met een de veroordeelde persoonlijk betreffende omstandigheid, waarmee de Wots-rechter in casu rekening heeft gehouden, dan met een in een strafzaak geconstateerde schending van de redelijke termijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04cd3a32b833b4db2f1345ac060e9bf5da5dba160b9fb22767d92dfc01195fa8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04cd3a32b833b4db2f1345ac060e9bf5da5dba160b9fb22767d92dfc01195fa8, en de alinea staat in dat document op bytes 16608 tot 17311.