Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2012
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU2898.
6 De aantekening van het mondeling arrest van de Enkelvoudige Kamer van het Hof dient ingevolge art. 425, derde lid aanhef en onder c, Sv te voldoen aan de eisen die zijn gesteld in de Regeling aantekening mondeling vonnis door politierechter, kinderrechter, economische politierechter, de kantonrechter en de enkelvoudige kamer voor behandeling van strafzaken in hoger beroep van 2 oktober 1996 (Stcrt. 1996, 197). Art. 3 onder j van die Regeling bepaalt dat de aantekening van het mondeling arrest ten aanzien van de opgelegde straf de bijzondere redenen dient te vermelden die de straf hebben bepaald en dat opgave moet worden gedaan van de strafmotiveringseis genoemd in art. 359, zesde lid, Sv.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f8aa875f03cbad3dad1dad3f9459ce7c62984bbd7edcdea9c8199ed9356bacf6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f8aa875f03cbad3dad1dad3f9459ce7c62984bbd7edcdea9c8199ed9356bacf6, en de alinea staat in dat document op bytes 12775 tot 13487.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f8aa875f03cbad3dad1dad3f9459ce7c62984bbd7edcdea9c8199ed9356bacf6 | shasum -a 256