Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Alinea 105 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU3160.

2.31 Voormelde overweging zou in deze zaak ook hebben kunnen opgaan, ware het niet dat [verweerder] c.s. van het tussenvonnis hebben geappelleerd en dat het hof daarop heeft beslist. Nu tegen de onder 2.25 geciteerde rechtsoverweging 12 van het arrest van 20 november 2001 geen cassatieberoep is ingesteld, is het oordeel van het hof dat [verweerder] c.s. geen bezwaar hebben gemaakt tegen de bewijslastverdeling in kracht van gewijsde gegaan. Daarmee behoorde de bewijslastverdeling, die [eiseres] in haar appel - begrijpelijk - niet heeft bestreden(40), niet meer tot de rechtsstrijd van partijen in appel, ook niet via de positieve zijde van de devolutieve werking, met m.i. als gevolg dat het hof de bewijslastverdeling niet meer ambtshalve aan de orde mocht stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e02458a95bea2a4934356bbb6840af7c77e01eda6e1bc02d815dd8a1be9ae6f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e02458a95bea2a4934356bbb6840af7c77e01eda6e1bc02d815dd8a1be9ae6f3, en de alinea staat in dat document op bytes 44871 tot 45655.