Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012
Alinea 82 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU3160.
2.21 In de zaak [C]/[D](25) had werkgeefster [D] diverse verbouwingswerkzaamheden betaald van haar werknemer [C]. Na diens vertrek vorderde zij het betaalde bedrag terug en stelde zij dat zij het betaalde in de vorm van een lening had voorgeschoten. Volgens [C] betrof het hier geen geldlening maar betaling van extra toegekende tantièmes. De kantonrechter nam bij tussenvonnis als vaststaand aan dat sprake was van een geldlening en liet [C] toe tot het leveren van bewijs van zijn stellingen. Na getuigenverhoren oordeelde de kantonrechter, kort gezegd, dat is komen vast te staan dat de betaling door [D] aan [C] is verricht in verband met door [C] inverdiende maar niet uitbetaalde tantièmes.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e02458a95bea2a4934356bbb6840af7c77e01eda6e1bc02d815dd8a1be9ae6f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e02458a95bea2a4934356bbb6840af7c77e01eda6e1bc02d815dd8a1be9ae6f3, en de alinea staat in dat document op bytes 35002 tot 35714.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e02458a95bea2a4934356bbb6840af7c77e01eda6e1bc02d815dd8a1be9ae6f3 | shasum -a 256