Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU3452.
Van een hervonden herinnering is sprake wanneer iemand aangeeft dat hij in het verleden een ingrijpende gebeurtenis heeft meegemaakt met een belangrijke persoonlijke betekenis, dat hij zich dit enkele jaren in het geheel niet heeft kunnen herinneren maar dat de herinnering daarna geheel of gedeeltelijk toegankelijk is geworden en door hem als authentiek ervaren wordt. De aangeefster verklaart dat ze depressief was, daarvoor in behandeling ging en aan het begin van de behandeling tegen haar therapeut gezegd heeft dat ze seksueel misbruikt is. Ze heeft destijds bewust gedachten aan het misbruik weggedrukt maar op haar twaalfde jaar kon ze de gedachten daaraan niet meer wegdrukken. De herinneringen aan het misbruik zijn dus nooit weggeweest en aangeefster is zelf degene die de therapeut heeft verteld dat ze misbruikt is. Het is niet de therapeut die heeft uitgevonden dat er sprake is geweest van seksueel misbruik.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd11344a8a02bb9430516618c051206e40f89fd328400a28698a11a774c2076d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd11344a8a02bb9430516618c051206e40f89fd328400a28698a11a774c2076d, en de alinea staat in dat document op bytes 18066 tot 19003.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bd11344a8a02bb9430516618c051206e40f89fd328400a28698a11a774c2076d | shasum -a 256