Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2012

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU3785.

4.2. In het onderhavige geval heeft de Inspecteur uitspraken op bezwaar gedaan, waarbij blijkens de uitspraak van de Rechtbank het mandaatvoorschrift van artikel 10:3, lid 3, Awb is geschonden. Echter, gelet op de omstandigheid dat B met instemming van belanghebbende betrokken is geweest bij de behandeling van de bezwaarschriften - zie de brief van 19 april 2007 - kan naar het oordeel van het Hof niet worden gezegd dat de Inspecteur een verwijt treft in de zin zoals deze door de Hoge Raad is geformuleerd in de onder 4.1 genoemde arresten. Voor een toekenning van een integrale proceskostenvergoeding is dan geen plaats. Anders dan belanghebbende betoogt, is de enkele omstandigheid dat het mandaatvoorschrift van artikel 10:3, lid 3, Awb is geschonden, geen bijzondere omstandigheid die een integrale proceskostenvergoeding rechtvaardigt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc5dc8144f138f30d115cf9565fc2e0aa11c8d961e21c7d7691feea82b09199e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc5dc8144f138f30d115cf9565fc2e0aa11c8d961e21c7d7691feea82b09199e, en de alinea staat in dat document op bytes 17557 tot 18414.