Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU4909.

2.11 Onderdeel 1.3 betoogt dat het hof heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door in rov. 4.13 t/m 4.15 te oordelen dat het handelen van een dochtervennootschap uitsluitend kan worden toegerekend aan haar moedervennootschap wanneer sprake is van gedragingen van die moedervennootschap, zoals een (mede) door haar gecreëerde of in stand gehouden verwarring over wie rechtsopvolgster is van Dutch Air. Het is, aldus de klacht, in zijn algemeenheid onjuist dat een (rechts)persoon steeds (ook) eigen gedragingen heeft moeten verrichten, wil deze rechtspersoon op grond van de redelijkheid en billijkheid kunnen worden beperkt in zijn beroep op een contractueel beding en/of de kennis van een andere (rechts)persoon aan hem te kunnen worden toegerekend, in die zin dat hij rechtens moet worden geacht over dezelfde kennis te beschikken. Deze rechtsgevolgen kunnen, mede gelet op artikel 3:12 BW, naar verkeersopvattingen ook voor risico van de eerstbedoelde (rechts)persoon komen zonder dat hij eigen gedragingen heeft verricht, aldus de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52278bab685663697024463e443ae2b44661f4534042e00babe318dba8c473f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52278bab685663697024463e443ae2b44661f4534042e00babe318dba8c473f9, en de alinea staat in dat document op bytes 29196 tot 30266.