Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2012

Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU4969.

4.7 Het eerste middel voert overigens ook nog aan dat sprake zou zijn van een innerlijke tegenstrijdigheid tussen voornoemde oordeel in rov. 4.2 en de - volgens de klacht juiste - weergave van de eerste grief in rov. 4.1. Ik heb uit de klacht niet kunnen opmaken op welke tegenstrijdigheid deze doelt. Ik heb de tegenstrijdigheid ook niet zelf kunnen ontdekken. Rov. 4.1 omvat een opsomming van argumenten die B.E.K. Holding in het kader van de eerste grief naar voren had gebracht, onder andere dat de beschuldigingen van fraude onjuist zouden zijn. In rov. 4.2 overweegt de Ondernemingskamer dat de grief, voor zover die op dat argument steunt, uitgaat van een onjuiste lezing van het tussenvonnis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9cc4328e812c659c96d47982bff826ccde7ceef0a9f4a403dd9b8abda4d9541e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9cc4328e812c659c96d47982bff826ccde7ceef0a9f4a403dd9b8abda4d9541e, en de alinea staat in dat document op bytes 33033 tot 33747.