Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU5260.

4.10. In het verlengde van het voorgaande ligt dat ook de klacht over het gebruik van de term 'schootsveld' door het Hof niet kan slagen. Met die term bedoelt het Hof kennelijk de optelsom van alle plaatsen waar de door de verdachte als ongeoefend schutter afgevuurde kogels hadden kunnen terechtkomen. Het is niet onbegrijpelijk dat het Hof tot dat schootsveld het rechterraam heeft gerekend (waarvoor [slachtoffer 1] stond toen het eerste schot werd gelost) en evenmin dat het Hof daartoe ook rekende 'de ruimte waarin de aangevers zich tijdens het lossen van de overige schoten bevonden'. Door die ruimte vlogen immers maar liefst vier kogels. Dat het gehele vertrek tot het schootsveld behoorde en dat de aangevers zich dus tijdens het lossen van de overige schoten in het schootsveld bevonden, is niet wat het Hof hier vaststelt, zodat het middel berust op een onjuiste lezing van 's Hofs arrest. Om die reden faalt ook de klacht over de innerlijke tegenstrijdigheid. Dat het Hof overweegt dat de aangevers zich, nadat zij waren weggedoken, niet in het schootsveld bevonden, bevestigt veeleer dat het Hof niet heeft bedoeld dat het gehele vertrek tot het schootsveld moet worden gerekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fc9f75edb2880c73dd795658aa55162f29a04bf4c96fab31e8f3f46156230dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fc9f75edb2880c73dd795658aa55162f29a04bf4c96fab31e8f3f46156230dd, en de alinea staat in dat document op bytes 24171 tot 25377.