Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012
Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU5613.
Het gerecht verliest bij dit één en ander niet uit het oog dat onder bijzondere omstandigheden de beslissing om met een bepaalde beroepsbeoefenaar onder zekere voorwaarden of in het geheel geen overeenkomst als bedoeld in artikel 39 LvAZV aan te gaan, dan wel een dergelijk contract te beëindigen, zou kunnen worden aangemerkt als een beschikking in de zin van de LAR. Dat zal, zoals blijkt uit de uitspraken van dit gerecht d.d. 28 november en 20 december 2002, resp. LAR no 236 en 268 van 2002, het geval kunnen zijn indien een dergelijke beslissing steunt op de Lv AZV, c.q. is genomen met hantering van een in die landsverordening aan het UO toegekende bevoegdheid. Daarvan is evenwel, zoals reeds overwogen, in het onderhavige geval geen sprake.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/34a1373c40daa1e3fb151a2d2b37c879979268e0b4d8543689704ed6b8f7e90f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 34a1373c40daa1e3fb151a2d2b37c879979268e0b4d8543689704ed6b8f7e90f, en de alinea staat in dat document op bytes 30546 tot 31312.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/34a1373c40daa1e3fb151a2d2b37c879979268e0b4d8543689704ed6b8f7e90f | shasum -a 256