Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012

Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6012.

4.11. Ook het eerst genoemde arrest (HR 13 maart 1979, NJ 1979/364 rov. 6) laat zich op deze wijze duiden. In zijn conclusie die voorafging aan dit arrest schreef Remmelink dat de overweging van de Rechtbank in die zin moest worden verstaan, dat de storingen van de geestvermogens ook van invloed zijn geweest op de bewezen verklaarde feiten. "Nu de wet in art. 37a Sr ook niet met zoveel woorden over dit (causale) verband rept (het m.i. echter wel veronderstelt [...]), zal de rechter m.i. dit verband trouwens niet met zoveel woorden behoeven uit te drukken, al zal [het] uit de vaststellingen en overwegingen moeten zijn af te leiden." De Hoge Raad oordeelde dat de eis dat de rechter "in zijn vonnis vaststelt dat de bewezenverklaarde feiten het gevolg zijn van de geestesgesteldheid van de verdachte" geen steun vindt in het recht. Tegelijk verwierp de Hoge Raad de klacht "dat uit de overwegingen van de Rb. en het Hof geenszins valt af te leiden dat de feiten waarvoor de verdachte veroordeeld is in verminderde mate aan hem kunnen worden toegerekend". Een en ander lijkt geheel in de geest van de voorafgaande conclusie te zijn.(1) Als er geen reden voor verminderde toerekening was geweest (omdat de stoornis geen invloed had gehad op de feiten), was het arrest van het Hof vermoedelijk niet in stand gebleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3f016f369b2bdca0c4171d4b99f61baf2abff2353b2b4b35f3f598b9a5ed4e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3f016f369b2bdca0c4171d4b99f61baf2abff2353b2b4b35f3f598b9a5ed4e9, en de alinea staat in dat document op bytes 33590 tot 34923.