Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2012
Alinea 231 Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6064.
Hoewel op grond van het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep niet kan worden uitgesloten dat de verdachte - zoals zij heeft verklaard - op 5 maart 2009 in de woning van het slachtoffer is geweest, wordt de alternatieve lezing van de verdachte dat zij op die dag [getuige 2] in het portiek van de desbetreffende flat is tegengekomen uitgesloten door de inhoud van de wettige bewijsmiddelen. [Getuige 2], de benedenbuurman van het slachtoffer, heeft daarnaast bij herhaling en consistent verklaard dat hij de verdachte - anders dan zij stelt - op 5 maart 2009 niet is tegengekomen (ook niet in het portiek van de woning van het slachtoffer) en dat hij haar (dus) ook geen opdracht heeft gegeven om de boodschappen van het slachtoffer af te bellen. Het hof heeft - onder verwijzing naar hetgeen onder 1.2.1. reeds is overwogen - geen aanleiding om aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van [getuige 2] te twijfelen. Bovendien heeft de verdachte/de verdediging haar lezing niet met concrete feiten en omstandigheden gestaafd en heeft het hof daarvoor ook geen enkele steun gevonden in het dossier.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4f56fc7ccffb669dc92200564b763b395c1f8b0252a85f6028c8f1ada2b9e50. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4f56fc7ccffb669dc92200564b763b395c1f8b0252a85f6028c8f1ada2b9e50, en de alinea staat in dat document op bytes 72772 tot 73893.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4f56fc7ccffb669dc92200564b763b395c1f8b0252a85f6028c8f1ada2b9e50 | shasum -a 256