Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012

Alinea 128 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6250.

Verdachte legt de kabelbinder om en trekt deze aan. Hierbij ontstaat een spoor aan de binnenzijde van de kraag van de badjas. [Slachtoffer] is voor de deur van de zolderkamer gevallen; hij kan er niet uit want er is onvoldoende ruimte om de deur te openen; verdachte versleept [slachtoffer] door haar vast te pakken bij de revers van de badjas, waardoor nieuwe sporen ontstaan. Als hij haar loslaat staat hij gebogen over haar; drie haren van zijn been vallen tijdens het verslepen en loslaten op het lichaam van [slachtoffer]. Naast haar lichaam blijven schoenzoolsporen van zijn teenslippers achter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d, en de alinea staat in dat document op bytes 62172 tot 62786.