Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012

Alinea 148 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6250.

Naar aanleiding van het aantreffen van het stoffelijk overschot van [slachtoffer] heeft het Nederlands Forensisch Instituut (NFl) in 2006 onderzoek verricht naar de aanwezigheid van biologische sporen op de plaats delict. Bij dit onderzoek zijn, voor zover hier relevant, o.a. de badjas waarin het slachtoffer gekleed was toen ze werd aangetroffen en de nagels van de rechterhand van het slachtoffer bemonsterd op de aanwezigheid van celmateriaal voor vergelijkend DNA-onderzoek. In 2009 is de badjas door het NFI aan een aanvullend biologisch sporenonderzoek onderworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d, en de alinea staat in dat document op bytes 70452 tot 71037.