Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Alinea 347 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6250.
Het hof heeft het evenwel niet uitgesloten geacht dat de verdachte, die als voormalig aangetrouwd familielid tot de vriendenkring van het slachtoffer behoorde en regelmatig in de woning waar het slachtoffer is aangetroffen is geweest, bij een andere eerdere gelegenheid in contact is gekomen met de badjas en aldus het bemonsterde spoor heeft achtergelaten. Daarbij gaat het hof, anders dan de advocaat-generaal, uit van de eerste verklaring van de moeder van het slachtoffer, waaruit volgt dat de badjas geruime tijd vóór de datum van het misdrijf voor het laatst is gewassen. Dat laatste stond het hof vrij, gelet op de autonomie van de feitenrechter.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d, en de alinea staat in dat document op bytes 143909 tot 144577.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8df5df08599a7a4a0b1e64f2f0cdc09eae020541e0c906f55e437a79d841873d | shasum -a 256