Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6510.
2.2. De klacht is gegrond. Art. 424 Rv moet mede om redenen van doelmatigheid aldus worden verstaan, dat de rechter naar wie het geding is verwezen ter verdere behandeling en beslissing, gehouden is het geding zelf verder te behandelen en af te doen zonder dit weer te verwijzen naar een andere rechter, tenzij de Hoge Raad bij zijn verwijzing met zoveel woorden de mogelijkheid tot verdere verwijzing heeft geopend. Deze regel geldt zowel in gevallen waarin de rechter in eerste aanleg een eindvonnis heeft gewezen als in gevallen waarin de rechter een interlocutoir of incidenteel vonnis heeft gewezen waartegen tussentijds hoger beroep of cassatieberoep is ingesteld(10). In het arrest van 18 april 2003 had de Hoge Raad niet de mogelijkheid tot verdere verwijzing geopend. Hetgeen het hof in rov. 4.3 heeft overwogen omtrent de opportuniteit van een doorverwijzing, in alinea 1.7 hiervoor geciteerd, maakt dit niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7, en de alinea staat in dat document op bytes 16377 tot 17317.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7 | shasum -a 256