Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6510.

2.5. De man heeft vervolgens betoogd dat de vrouw heeft aanvaard dat de rechtsstrijd na verwijzing is voortgezet voor een ander gerecht dan het gerechtshof te Amsterdam waarnaar de Hoge Raad de zaak had verwezen. Het daartoe door de man aangevoerde argument, te weten dat de vrouw vergeefs heeft getracht verlof te verkrijgen om tussentijds cassatieberoep in te stellen tegen het arrest van 20 januari 2005 en bij die gelegenheid geen beroep heeft gedaan op de zo-even besproken rechtsregel, versterkt dit standpunt niet. Het wijst veeleer op het tegendeel. Voor zover de man met dit argument mocht hebben bedoeld dat de vrouw, door niet bij de eerstmogelijke gelegenheid een beroep op deze rechtsregel te doen, het recht heeft verwerkt om in cassatie te klagen over een schending van deze rechtsregel, kunnen de gestelde feiten die gevolgtrekking niet dragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7, en de alinea staat in dat document op bytes 18813 tot 19687.