Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012
Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU6510.
2.9. Art. 1:141 lid 3 BW bepaalt dat indien bij het einde van het huwelijk niet is voldaan aan een bij huwelijkse voorwaarden overeengekomen periodieke verrekenplicht als bedoeld in het eerste lid van dat artikel, het alsdan aanwezige vermogen wordt vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden, tenzij uit de eisen van redelijkheid en billijkheid in het licht van de aard en omvang van de verrekenplicht anders voortvloeit(12).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7, en de alinea staat in dat document op bytes 23819 tot 24279.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e0cb0f39b38b2a9293eacc9144db17138a6bac4f66d205d51eb33cc0f60a82c7 | shasum -a 256