Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7245.

16. Maar dat zo zijnde, beantwoordt de weg die het hof vervolgens heeft gekozen, te weten: het verlangen van nadere toelichting op het bewijsaanbod, inderdaad niet aan de regels die in dit opzicht gelden. Eenmaal gegeven dat [eiser] de van de kant van SLS aangevoerde gronden voldoende betwistte (en dat SLS voorshands overtuigend bewijs voor wat zij stelde had aangevoerd), volgt nu eenmaal uit de regels die uit art. 151 lid 2 Rv. plegen te worden afgeleid dat aan [eiser], als hij dat aanbood, de gelegenheid tot tegenbewijs moest worden gegeven én dat (nadere) specificatie van het bewijsaanbod niet mocht worden verlangd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41fc55d23aa0271cdbd450b1c3ba3a69ba8f5ed0e97a8b06df318c195f18529a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41fc55d23aa0271cdbd450b1c3ba3a69ba8f5ed0e97a8b06df318c195f18529a, en de alinea staat in dat document op bytes 14865 tot 15505.