Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2012
Alinea 374 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7264.
8.7.2 Naar uit de bepaling kan worden opgemaakt, gaat het bij deze fictieve levering om een sfeerovergang waarbij goederen die aanvankelijk bedrijfsdoeleinden dienden, na bedrijfsbeëindiging in de consumptieve sfeer terechtkomen, terwijl er wel aftrek heeft plaatsgevonden toen de desbetreffende goederen zich nog in de zakelijke sfeer bevonden.(58) Het bepaalde in artikel 3, lid 3, aanhef en onderdeel c, is in de Wet opgenomen met ingang van 1 januari 2007. Voordien kende de Nederlandse wetgeving (in het toenmalige artikel 3, lid 1, aanhef en onderdeel g van de Wet, zie punt 8.6.3 van deze bijlage) alleen een heffing ter zake van de onttrekking van goederen.(59) In de memorie van toelichting bij het voorstel van Wet is artikel 3, lid 3, aanhef en onderdeel c, van de Wet als volgt toegelicht:(60)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42403cdae9d479622e8379c2f294e642a61a96687db98cc267ba7cd56bd7097b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42403cdae9d479622e8379c2f294e642a61a96687db98cc267ba7cd56bd7097b, en de alinea staat in dat document op bytes 168908 tot 169727.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/42403cdae9d479622e8379c2f294e642a61a96687db98cc267ba7cd56bd7097b | shasum -a 256