Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012

Alinea 239 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7276.

6.12 In het licht van het voorgaande komt het mij voor dat een (niet-) fiscale eenheid die bij beschikking (toch) als fiscale eenheid is aangewezen, weet waar zij aan toe is. De rechtsbescherming is in die zin gewaarborgd: de onderdelen van de 'fiscale eenheid' kunnen niet verrast worden door de stelling dat zij een fiscale eenheid vormen. Bovendien is duidelijkheid naar de fiscus en naar andere ondernemers hiermee zeker gesteld. In dit verband wijs ik op de arresten van de Hoge Raad van 23 augustus 1996, nr. 31277, LJN AA2012, BNB 1996/390 m.nt. Van Hilten en van 7 mei 1997, nr. 32094, LJN AA3226, BNB 1997/235 m.nt. Van Hilten inzake naheffingsaanslagen die abusievelijk ten name van een fiscale eenheid waren gesteld. Uit deze arresten volgt dat een ten name van een niet-bestaande fiscale eenheid gestelde naheffingsaanslag in stand blijft indien de inspecteur op basis van de hem ter beschikking staande gegevens niet hoefde te begrijpen dat geen fiscale eenheid bestond. Ik denk dat dit niet anders is (moet zijn) indien noch de inspecteur noch de belanghebbende(n) op basis van beschikbaar zijnde gegeven behoefde(n) te begrijpen dat er naar de letter van de Wet geen fiscale eenheid kon bestaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1b7efb122ad1e43bd7ed2dd957596f767e0e34555cef88b38329792cfadba98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1b7efb122ad1e43bd7ed2dd957596f767e0e34555cef88b38329792cfadba98, en de alinea staat in dat document op bytes 115132 tot 116355.