Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012
Alinea 258 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7276.
2. Bij beëindiging van een fiscale eenheid als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de wet, worden de natuurlijke personen en lichamen in de zin van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, die de fiscale eenheid vormden, voor het berekenen van de door hen verschuldigde belasting geacht in de plaats te zijn getreden van de fiscale eenheid, voor het deel dat tot hun bedrijfsvermogen behoort.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1b7efb122ad1e43bd7ed2dd957596f767e0e34555cef88b38329792cfadba98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1b7efb122ad1e43bd7ed2dd957596f767e0e34555cef88b38329792cfadba98, en de alinea staat in dat document op bytes 125885 tot 126293.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e1b7efb122ad1e43bd7ed2dd957596f767e0e34555cef88b38329792cfadba98 | shasum -a 256