Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012

Alinea 134 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7644.

Vooreerst overweegt het hof dat aan het in artikel 218 WvSv neergelegde verschoningsrecht ten grondslag ligt dat het maatschappelijk belang dat de waarheid in rechte aan het licht komt, in beginsel moet wijken voor een ander maatschappelijk belang, te weten dat een ieder zich vrijelijk en zonder vrees voor openbaarmaking van het toevertrouwde om bijstand en advies tot de zogenoemde geheimhouders moet kunnen wenden. De in artikel 126aa WvSv neergelegde vernietigingsveplichting houdt direct verband met dit in onze rechtsorde verankerde beginsel. Het ingevolge artikel 218 WvSv aan de advocaat toekomende verschoningsrecht is daarbij beperkt tot hetgeen aan hem in die hoedanigheid is toevertrouwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58a6fa0f10fddd663dd97748f5517dbac3142af532dc3aad72c11d4e583eba91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58a6fa0f10fddd663dd97748f5517dbac3142af532dc3aad72c11d4e583eba91, en de alinea staat in dat document op bytes 52998 tot 53712.