Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012

Alinea 96 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU7644.

26. Kennelijk heeft het Hof ook nog andere omstandigheden meegewogen bij zijn oordeel dat het onderzoek ondanks het gebrek in rechtsbijstand van de verdachte kon worden voortgezet. Dat zijn kennelijk de omstandigheden die het Hof ten grondslag heeft gelegd aan de afwijzing van het verzoek van verdachtes raadsvrouw het onderzoek een maand aan te houden voor de voorbereiding van haar pleidooi, te weten (a) dat verdachtes raadsvrouw geen enkele reden had voor de veronderstelling dat het op 9 juni 2010 niet aan pleidooi zou toekomen, (b) dat de onderhavige zaak werd gekenmerkt door een langdurig tijdsverloop en (c) dat verdachtes raadsvrouw, in aanmerking genomen dat zij reeds uit anderen hoofde op de hoogte was van de inhoud van het onderhavige dossier en eerder in de onderhavige zaak al is gerequireerd, ruimschoots voldoende gelegenheid heeft gehad zich adequaat voor te bereiden op het pleidooi.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58a6fa0f10fddd663dd97748f5517dbac3142af532dc3aad72c11d4e583eba91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58a6fa0f10fddd663dd97748f5517dbac3142af532dc3aad72c11d4e583eba91, en de alinea staat in dat document op bytes 40819 tot 41738.