Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8514.
4.11 De zojuist geciteerde beschouwingen geven geen rechtstreeks antwoord op de vraag die het middel aan de orde stelt. Dat komt door het enigszins a-typische karakter van de onderhavige zaak. Nochtans meen ik dat uit de hiervoor weergegeven opvattingen kan worden afgeleid dat 's Hofs oordeel juist is. Het Hof heeft uitdrukkelijk onderkend dat hetgeen in prima in conventie was toegewezen in appel niet werd bestreden zodat het daaraan gebonden was (rov. 4.4 van het tussenarrest). Aangenomen mag worden dat dit het Hof niet tot vreugde stemde omdat het, anders dan de Kantonrechter, tot de slotsom kwam dat er geen arbeidsovereenkomst was. Maar het Hof heeft zich terecht aan de processuele spelregels gehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7ef805ccd3f544520e0e8606b5794fee8d4cd45a17e52b8a5ff0cb417a750d9f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7ef805ccd3f544520e0e8606b5794fee8d4cd45a17e52b8a5ff0cb417a750d9f, en de alinea staat in dat document op bytes 34774 tot 35501.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7ef805ccd3f544520e0e8606b5794fee8d4cd45a17e52b8a5ff0cb417a750d9f | shasum -a 256