Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Alinea 149 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8735.
4.18. Ik merk in dit verband nog het volgende op. Het beklag over de rechtmatigheid van de beslaglegging moet onderscheiden worden van het verweer in de hoofdzaak dat het bewijs onrechtmatig verkregen is. Art. 103 (oud) Sv stond al in de wet toen het leerstuk van het onrechtmatig verkregen bewijs nog moest worden uitgevonden. Het beklagrecht is gericht op herstel van de rechtmatige toestand die door het onrechtmatig overheidsoptreden is verstoord. De vraag of het verkregen bewijs gebruikt mag worden, staat daar los van. Dat laat zich het duidelijkst illustreren als de klager/rechthebbende een ander is dan de verdachte. Als de beslaglegging onrechtmatig was, krijgt de klager zijn spullen terug, terwijl de verdachte zich niet over de bewijsverkrijging kan beklagen omdat die niet jegens hem onrechtmatig was. De rechter kan het desbetreffende verweer met dat argument verwerpen, zelfs zonder een oordeel te geven over de rechtmatigheid van de beslaglegging. Meer in het algemeen geldt dat de later oordelende strafrechter maar in een betrekkelijk klein aantal gevallen geroepen wordt zich uit te spreken over de rechtmatigheid van de inbeslagneming. Als de inbeslagneming niet tot bewijsmateriaal heeft geleid dat voor het bewijs wordt gebruikt, kan reeds om die reden aan een beroep op onrechtmatig verkregen bewijs voorbij worden gegaan. Ten principale geldt dat het eventuele oordeel van de strafrechter over de rechtmatigheid van de bewijsverkrijging in een andere sleutel staat dan het oordeel van de beklagrechter. Het gaat bij het oordeel van de strafrechter niet om de bescherming van de vermogensrechtelijke positie van de betrokkenen, maar om de rechtspositie van de verdachte in het strafproces. Ook dat maakt dat de beklagrechter zich bezwaarlijk kan oriënteren op het latere oordeel van de strafrechter.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ce55091549816563d242ffcf5488b4010f65c3d6cfc13b6e36589510e5ff6d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ce55091549816563d242ffcf5488b4010f65c3d6cfc13b6e36589510e5ff6d0, en de alinea staat in dat document op bytes 40973 tot 42811.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4ce55091549816563d242ffcf5488b4010f65c3d6cfc13b6e36589510e5ff6d0 | shasum -a 256