Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8741.
Deze betrekkelijk summiere stellingen heeft het hof - kennelijk en niet onbegrijpelijk - niet als een zelfstandig uitdrukkelijk onderbouwd standpunt in de zin van artikel 359, tweede lid Sv aangemerkt. Bovendien is de basis van de conclusie dat [getuige] strafvermindering is toegezegd m.i. dermate wankel dat ik het niet onbegrijpelijk vind dat het hof in dit verband meer waarde heeft gehecht aan de inhoud van de genoemde processen-verbaal van bevindingen en het door voornoemde officier van justitie opgestelde ambtsbericht d.d. 4 november 2010, waaruit het hof kennelijk en niet onbegrijpelijk heeft afgeleid dat er aan de getuige [getuige] geen toezeggingen zijn gedaan die strafvermindering inhouden. Daarmee faalt de eerste klacht van het middel en kan m.i. thans worden uitgegaan van de feiten die het hof heeft vastgesteld in de hiervoor aangehaalde passage uit het bestreden arrest.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1, en de alinea staat in dat document op bytes 12550 tot 13456.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1 | shasum -a 256