Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8741.
"In het wetsvoorstel is de mogelijkheid opengelaten voor een toezegging die niet strekt tot strafvermindering of die niet behoort tot een categorie die in de richtlijn als ontoelaatbaar is aangemerkt en gericht is op het afleggen van een verklaring die voor het bewijs kan worden gebruikt. Het betreft hier toezeggingen van relatief geringe omvang die de beantwoording van de vragen van art. 348 en 350 niet rechtstreeks raakt. Anders dan in uw Kamer door een aantal woordvoerders is verondersteld is niet aannemelijk dat het hier een groot grijs gebied betreft, waarvoor geen enkele normering geldt. Noodzakelijk is dat deze afspraken ook op schrift worden gesteld en dat de rechter daarvan kennis kan nemen, maar dat deze ze gelet op hun betrekkelijke geringe gewicht niet voorafgaand behoeft goed te keuren. Omdat het hier tegemoetkomingen van ondergeschikte aard betreft, heb ik het niet nodig geoordeeld deze uitputtend te beschrijven en op te sommen. Ik zal aan het College van procureurs-generaal vragen of het openbaar ministerie bij het opstellen van de richtlijn op dit terrein aan de hand van een aantal voorbeelden nadere duidelijkheid kan verschaffen."(3)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1, en de alinea staat in dat document op bytes 15970 tot 17151.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98095fec6912360fab26126291bb1f8ddfc8cf137cdd799151b7bd1fb92f51d1 | shasum -a 256