Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8746.
De steller van het middel wijst erop dat de vordering doorzoeking hier op één lijn wordt gesteld met de vordering bewaring en de machtiging tot het aftappen van de telefoon. Dat is niet toevallig. Het bevel bewaring is de eerste bevoegdheid van de R-C die "losgeknipt" werd uit het gerechtelijk vooronderzoek. Dat was het resultaat van een rechtsontwikkeling die bij de totstandkoming van het huidige Wetboek van Strafvordering van 1926 haar definitieve beslag kreeg.(11) De telefoontap, in 1971 nog ingebed in het gerechtelijk vooronderzoek, volgde in 2000, toen de Wet bijzondere opsporingsbevoegdheden van kracht werd. Dat de voorgestelde wetswijziging in de MvT in de sleutel van deze rechtsontwikkeling werd geplaatst, vormt een aanwijzing dat de gelijkstelling met (onder meer) de vordering bewaring doorgetrokken mag worden naar de regeling van de verjaring in het Wetboek van Strafrecht. Uit de verzelfstandiging van de voorlopige hechtenis in 1926 werd destijds de conclusie getrokken dat de vervolging ook kan aanvangen door middel van een vordering bewaring en dat die vordering daarom als een daad van vervolging in de zin van art. 72 Sr moet worden aangemerkt. Er is weinig reden om daarover bij de verzelfstandiging van de telefoontap en de doorzoeking anders te denken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/136c1ddf5eb55fec3e4d563e0462cf117783075f4350e151137f77011dded9ad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 136c1ddf5eb55fec3e4d563e0462cf117783075f4350e151137f77011dded9ad, en de alinea staat in dat document op bytes 22791 tot 24090.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/136c1ddf5eb55fec3e4d563e0462cf117783075f4350e151137f77011dded9ad | shasum -a 256