Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8847.

6.1.2 In artikel 15, lid 4, eerste volzin, van de Wet, is bepaald dat aftrek van voorbelasting plaatsvindt op het tijdstip waarop de belasting in rekening wordt gebracht c.q. verschuldigd wordt, en wel naar gelang de bestemming van goederen en diensten (zie ook artikel 12, lid 1, van de Uitvoeringsbeschikking). Blijkt bij ingebruikneming van het goed of de dienst dat het feitelijke gebruik afwijkt van de bestemming op basis waarvan de initiële aftrek gepleegd is, dan dient op grond van de tweede volzin van artikel 15, lid 4, van de Wet, een correctie van de initiële aftrek plaats te vinden (vergelijk artikel 12, lid 2, van de Uitvoeringsbeschikking). Aangezien 3-1-h-belasting pas wordt verschuldigd, en in voorkomende gevallen (als 'voorbelasting') deels aftrekbaar wordt, op het tijdstip van ingebruikneming van een onroerende zaak, zal in gevallen waarin een levering in de zin van artikel 3, lid 1, aanhef en onderdeel h, van de Wet aan de orde is, nimmer sprake zijn van initiële belasting die op het tijdstip van ingebruikname gecorrigeerd moet worden: de belasting wordt immers pas op het tijdstip van ingebruikneming (verschuldigd en) aftrekbaar.(16)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb6c75c31ddd10dcc5f03a86fff7bfd6d2f3b0d150ab170bba0b8043de5dcb9e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb6c75c31ddd10dcc5f03a86fff7bfd6d2f3b0d150ab170bba0b8043de5dcb9e, en de alinea staat in dat document op bytes 27991 tot 29173.