Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Alinea 77 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8926.

5.3 De CRvB volgde in de jaren 1968 - 1985 de fiscale jurisprudentie van de Hoge Raad inzake de kwalificatie van de arbeidsverhouding van de directeuren-grootaandeelhouder (hierna: dga).(11) Maar dat gaf grote problemen op het terrein van de sociale verzekeringen. Dga's verkeren in de positie dat zij zelf de hoogte van hun loon kunnen bepalen. Zelfs de beëindiging van hun dienstbetrekking ligt in eigen hand. In de jurisprudentie van de jaren '70 en '80 vinden we talloze voorbeelden van misbruik en oneigenlijk gebruik van de socialezekerheidswetten door deze categorie werknemers. Dit was aanleiding voor de CRvB om zijn koers te verleggen bij uitspraak van 4 oktober 1985. Voor de toepassing van de premieheffing werknemersverzekeringen geldt de arbeidsverhouding tussen de dga en de vennootschap voortaan in het algemeen niet als een dienstbetrekking, zodat hij niet als werknemer in de zin van artikel 3 van de ZW, WAO en WW alsmede van artikel 7 van de WIA kan worden aangemerkt. De dga heeft de feitelijke macht in de Ava en dat rijmt niet met ondergeschiktheid van hem aan de NV of BV, aldus de CRvB. Hij overwoog:(12)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d6022ca6e2be6226e8b0c203f46412bccb25590c5e4397cff5056279855e904. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d6022ca6e2be6226e8b0c203f46412bccb25590c5e4397cff5056279855e904, en de alinea staat in dat document op bytes 32631 tot 33774.