Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Alinea 97 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU8926.
5.7 Er is een belangrijk verschil tussen de sociale en de fiscale rechtspraak inzake de werknemer-(groot)aandeelhouder, die op grond van statutaire bepalingen en van de eigendomsverhoudingen van de aandelen een doorslaggevende invloed in de Ava heeft op zijn benoeming, schorsing en ontslag, en die dus niet tegen zijn wil kan worden ontslagen. Volgens vaste jurisprudentie van de CRvB zijn arbeidende personen die niet tegen hun wil kunnen worden ontslagen door de vennootschap niet in dienstbetrekking bij haar werkzaam, omdat dan een gezagsverhouding ontbreekt. De uitkomst van deze jurisprudentie spreekt mij aan, maar niet de redenering. De betrokkenen zijn immers naar privaatrecht werknemer en staan dus wel in dienstbetrekking. Bovendien is de vereenzelviging door de CRvB van het arbeidsrechtelijke begrip gezag (dat is de reële mogelijkheid om instructies te geven omtrent het werk) en het kunnen tegenhouden van eigen ontslag, volstrekt niet in alle gevallen evident; er is verschil tussen. Er bestaat een andere, goede grond om deze categorie werknemers buiten de kring van verzekerden te houden. Het is in strijd met het karakter van verzekeren dat verzekerden zelf kunnen bepalen of (en wanneer) zij in aanmerking komen voor een uitkering, en het past evenmin dat verzekerden zelf een beslissende invloed kunnen uitoefenen op de hoogte van de uitkering ingevolge de verzekering. Anders gezegd: geen rationeel handelend verzekeraar zal een verzekerde aannemen die het zelf in eigen hand heeft of, wanneer en tot welke hoogte het verzekerde risico zich voordoet. Daarom is het volstrekt begrijpelijk dat de CRvB privaatrechtelijke werknemers, die hun ontslag kunnen tegenhouden of juist kunnen inroepen, en die de hoogte van hun dagloon bepalen, niet verzekerd acht voor de werknemersverzekeringen. De Hoge Raad behoort naar mijn opvatting deze uitzondering op de regel dat werknemers in de zin van het privaatrecht sociaal verzekerd zijn, over te nemen. Mijn voorstel houdt in dat er weliswaar uniformiteit bestaat in het fiscale recht en sociale verzekeringsrecht voor wat betreft het begrip dienstbetrekking, maar dat geen uniformiteit bestaat tussen de kring van loonbelastingplichtigen en de kring van verzekerde werknemers. Dit verschil in kringen moet de Hoge Raad dus niet, zoals de CRvB, gronden op een uitzonderlijke uitlegging in de sociale verzekeringswetgeving van het begrip privaatrechtelijke dienstbetrekking, maar op een wezenskenmerk van verzekeren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d6022ca6e2be6226e8b0c203f46412bccb25590c5e4397cff5056279855e904. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d6022ca6e2be6226e8b0c203f46412bccb25590c5e4397cff5056279855e904, en de alinea staat in dat document op bytes 40547 tot 43040.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3d6022ca6e2be6226e8b0c203f46412bccb25590c5e4397cff5056279855e904 | shasum -a 256