Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU9855.
2.6. Deze klacht is te beschouwen tegen de achtergrond van het verweer van WLTO dat zij, althans [betrokkene 1], voor wiens handelen WLTO verantwoordelijk is, niet erop bedacht was noch erop bedacht behoefde te zijn dat [eisers] BTW-plichtige ondernemers waren. Ter ondersteuning van dit verweer had WLTO aangevoerd dat in 2001 ongeveer 98% van de melkveehouders niet BTW-plichtig was(8). [Eisers] hebben het door WLTO genoemde percentage betwist(9), maar ook zij stelden dat BTW-plichtige ondernemers onder de melkveehouders in de minderheid waren: volgens hen was circa 33% van de bedrijven BTW-plichtig. Tegen die stelling heeft WLTO ingebracht dat dit cijfer het percentage weergeeft vanaf januari 2007(10). Volgens WLTO was in 2001 het percentage BTW-plichtige ondernemers onder de melkveehouders aanzienlijk lager.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa6fa511615916ed0c11d7b94438b4d9d8579f5040c99e592cf2cd114c764c08. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa6fa511615916ed0c11d7b94438b4d9d8579f5040c99e592cf2cd114c764c08, en de alinea staat in dat document op bytes 21314 tot 22148.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fa6fa511615916ed0c11d7b94438b4d9d8579f5040c99e592cf2cd114c764c08 | shasum -a 256