Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU9880.
21. Wat de in alinea 3.6 van het cassatierekest geformuleerde stelling betreft - onder bijzondere omstandigheden zou een bedrijf dat buiten de in art. 7:290 BW omschreven categorieën valt, wegens de mate van "plaatsgebondenheid" toch van de door de 6e afdeling van titel 4 van Boek 7 geboden bescherming kunnen profiteren -: ik ben geneigd te betwijfelen of die stelling "überhaupt" mag worden aanvaard, zie ook het in de volgende alinea te besprekene. De omstandigheden die in alinea 3.5 van het cassatierekest worden aangehaald (en waar alinea 3.6 naar verwijst) lijken mij in ieder geval niet van dien aard dat die de hier gesuggereerde, en vrij radicale breuk met het in art. 7:290 BW neergelegde systeem zouden kunnen rechtvaardigen. Daarom lijkt ook deze klacht mij ongegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3cdcaffcd5881032b5ec7a97f972a240e50005665b8a4976072280d4748bdcc1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3cdcaffcd5881032b5ec7a97f972a240e50005665b8a4976072280d4748bdcc1, en de alinea staat in dat document op bytes 18173 tot 18970.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3cdcaffcd5881032b5ec7a97f972a240e50005665b8a4976072280d4748bdcc1 | shasum -a 256