Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BU9891.
33. Aan de hand van deze beschouwingen kom ik tot de bevinding, dat de al-dan-niet aanvaardbaarheid van een beroep op een exoneratieclausule onder vrijwel alle denkbare omstandigheden een onderzoek zal vereisen naar de mate van verwijt die aan de gebruiker van het beding (of aan personen voor wie deze verantwoordelijkheid draagt) kan worden gemaakt. Ik hield hiervóór rekening met de mogelijkheid dat dat in uitzonderlijke gevallen anders zou kunnen zijn; maar indachtig de in alinea 23 (bij voetnoot 18) hiervóór gesignaleerde motiveringsplicht, mag aan de motivering van het oordeel waarin zo'n uitzonderingsgeval aanwezig wordt geacht, de eis worden gesteld dat duidelijk en voldoende controleerbaar wordt aangegeven, waarop die bevinding berust.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e2d2782d17b63128a999ca6448f09a9295b1b3fdd56dd7315d069db88de88d48. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e2d2782d17b63128a999ca6448f09a9295b1b3fdd56dd7315d069db88de88d48, en de alinea staat in dat document op bytes 30550 tot 31318.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e2d2782d17b63128a999ca6448f09a9295b1b3fdd56dd7315d069db88de88d48 | shasum -a 256